Meest voorkomende ziektebeelden

Men spreekt van een diep veneuze trombose (DVT) als een stolsel zich vormt in een diepe ader. In de meeste gevallen treedt een diep veneuze trombose op in de benen of in het bekken, maar het kan ook op andere plekken zoals in de arm, de hersenen of de buik.

Trombose

Een gedeelte van dit stolsel kan loslaten en in het bloed worden meegevoerd naar andere delen van het lichaam. Zo een losgelaten stolsel wordt een embolie genoemd. Als dit stukje stolsel via het hart in een bloedvat van de longen terechtkomt en dit afsluit ontstaat een longembolie.

Hierdoor wordt een deel van de long uitgeschakeld. Dit kan enkel gepaard gaan met lichte kortademigheid en ademhalingsgebonden pijn, maar soms gaat het om grote stolsels in grote bloedvaten van de long zodat grote stukken van de long plots afgesloten worden. Dit zijn levensgevaarlijke situaties.De verschijnselen van een trombose zijn niet altijd duidelijk. U kunt weinig of veel klachten hebben.

Als een stolsel een ader in het been afsluit, kan het bloed niet meer weg. Het gevolg is dat de kuit of het hele been opzwelt. Het been voelt vaak warm aan en kan rood-paars van kleur zijn. De huid kan glanzend en strak zijn. Het been is vaak pijnlijk en lopen kost moeite.

Trombosebeen

Doordat de doorstroming van het bloed wordt belemmerd, zijn de aders in de huid dikwijls opgezet. Soms veroorzaakt trombose geen klachten. De trombose in het been wordt dan bijvoorbeeld pas ontdekt wanneer bij iemand tengevolge van de trombose een longembolie optreedt.

Lees hier verder