Regelmechanismen

Als de bloedstolling bij een verwonding in gang wordt gezet, dan moet er ook voor worden gezorgd dat hij ook weer op tijd stopt. Anders kan een stolsel te groot worden en kan een bloedvat worden afgesloten, terwijl dat niet de bedoeling is. Dit noemen we trombose.

Om dit te voorkomen beschikt het lichaam over een aantal regelmechanismen. Deze zorgen er dus voor dat de bloedstolling op tijd wordt afgeremd. Ook hierbij speelt een aantal eiwitten een rol, die ook weer in de lever gemaakt worden en in het bloed circuleren. Er kan ook iets mis zijn met deze regelmechanismen, doordat een of meerdere van deze eiwitten te weinig wordt gemaakt. Een verhoogde tromboseneiging (trombofilie) is dan het gevolg.

Er zijn twee grote remmingssystemen voor de stolling: Antitrombine-III en het Proteine C & S systeem. Een tekort aan Antitrombine III, Proteine C of Proteine S geeft een verhoogde tromboseneiging.

Vitamine K afhankelijke stollingsfactoren en Cumarines

Een aantal van de stollingsfactoren kunnen alleen maar goed in de lever aangemaakt worden als er voldoende vitamine K aanwezig is. Zij worden de vitamine K afhankelijke factoren genoemd. Dit zijn de factoren II, VII, IX en X.

Het zijn juist deze factoren waarvan de productie is verminderd als patiënten cumarines (marcoumar/fenprocoumon, acenocoumarol en warfarine) innemen. De lever heeft in normale omstandigheden slechts kleine hoeveelheden vitamine K nodig omdat er een recyclesysteem bestaat voor de vitamine K. Iedere molecuul vitamine K kan verschillende malen gebruikt worden om stollingsfactoren mee te maken.

De cumarines blokkeren dat recyclesysteem zodat iedere molecuul vitamine K maar eenmaal gebruikt kan worden. De lever heeft zo een veel hogere behoefte aan vitamine K om in de productie van de vitamine K-afhankelijke stollingsfactoren te voorzien.

Normaal krijgt iedereen voldoende vitamine K binnen met de voeding. Het zit voornamelijk in de groene groenten en koolsoorten. Nederlanders krijgen veel vitamine K met de voeding binnen, anders dan bijvoorbeeld in het Verre Oosten waar de voeding veel minder vitamine K bevat.